Werken bij

Jouw collega's

Remco, Pedagogisch medewerker

Remco

“Humor is mijn manier om soms net wat meer los te maken in een kind”

“Na de middelbare school wist ik eigenlijk niet zo goed wat ik wilde doen. Ik wilde wel graag met kinderen werken, dus ging naar de pabo om onderwijsassistent te worden. Maar mijn werk als motorcrosser op internationaal niveau kon ik hier niet mee combineren. Mijn vriendin raadde me aan om op de bso te gaan werken. Die combinatie gaat super! De kinderen vinden het ook mooi om hier meer over te weten. Ik laat ze altijd even een foto zien na een wedstrijd en heb m’n motor ook wel eens meegenomen. Vooral de jongens vonden dat prachtig.”

Hoe is het om als man op een bso te werken?
“Leuk! Als je graag met kinderen werkt, zou ik het mannen absoluut aanraden. Ik denk dat de wat fysiekere activiteiten mij ook wat meer liggen als man zijnde. Daar waar mijn vrouwelijke collega’s meer met de kinderen knutselen, voetbal ik lekker met ze mee en geef ze even een schouderduwtje. Ik denk ook dat ik bij jongens vaak beter een gesprekje op gang kan krijgen wanneer ze zich even niet zo goed weten te uiten. Dat zit ‘m denk ik ook in het verschil qua humor. Ik ben misschien toch iets meer van het slap ouwehoeren. Humor is sowieso mijn manier om soms net wat meer los te maken in een kind. Het zou ook goed zijn voor de kinderen om op de bso meer mannen te zien, want nu zijn de pedagogisch medewerkers toch vaak vrouwen. Of ik het erg vind om tussen allemaal vrouwen te werken? Nee hoor, ik vind het heel gezellig!”

“Je kunt de dag nog zo goed voorbereiden, met kinderen loopt het toch vaak anders”

Wat vind je zo leuk aan het werken met kinderen?
“Je wordt elke dag opnieuw op een leuke manier uitgedaagd. Je moet het niet alleen voor de kinderen, maar ook voor jezelf leuk houden. Ik werk met kinderen van 4 tot en met 12 jaar. Vooral bij de oudste kinderen moet je soms iets meer je best doen om ze te entertainen. Je kunt de dag nog zo goed voorbereiden, met kinderen loopt het toch vaak anders. Daarom moet je goed kunnen improviseren. Het ene moment zijn we hutten aan het bouwen, het andere moment lezen we een boek. Het belangrijkste is dat de kinderen zichzelf kunnen zijn en een leuke tijd bij ons hebben. Ik vind het dan ook heel tof wanneer kinderen die al ruim een jaar niet meer op de bso zitten, nog steeds enthousiast reageren wanneer ze me zien. Dat maakt me trots.”